ANWB: auto steeds meer onmisbaar máár onbetaalbaar op het platteland
Stijgende kosten raken vooral buitengebied
Autorijden wordt duurder en duurder. Niet alleen door de brandstofprijzen, die dankzij hogere accijnzen en aankomende CO₂-heffingen verder oplopen, maar ook door de prijzen van auto’s. Voor veel bewoners is elektrisch rijden al helemaal onbetaalbaar, vanwege de hoge aanschafprijs. Daarmee blijft de traditionele auto dé levenslijn, maar wel eentje die steeds meer geld kost.
OV
Het alternatief – het openbaar vervoer – is voor veel plattelanders nauwelijks een optie. Buslijnen verdwijnen, reistijden worden langer en vooral ’s avonds en in het weekend is de keuze beperkt. Voor ouderen, jongeren en mensen met een lager inkomen leidt dit tot serieuze mobiliteitsproblemen.
Zonder auto wordt de wereld kleiner
De cijfers uit het onderzoek spreken voor zich. Van de mensen in landelijke gebieden met een auto zegt 74 procent dat voorzieningen goed bereikbaar zijn. Zonder auto verandert dat beeld drastisch: 54 procent van deze groep vindt de bereikbaarheid juist lastig. Voor een kleine groep – 19 procent – is het openbaar vervoer het enige vervoermiddel. Zij lopen dan ook het vaakst tegen problemen aan.
Mogelijke oplossingen
De ANWB benadrukt dat de auto in het landelijk gebied geen luxeartikel is, maar een basisvoorziening. Om de leefbaarheid te behouden, moet er iets gebeuren. Denk aan het betaalbaar houden van brandstof, het aanbieden van flexibel vervoer als aanvulling op het openbaar vervoer en het promoten van deelmobiliteit.
Deelmobiliteit zou een uitkomst kunnen zijn, maar op het platteland is het aanbod van deelauto’s en deelfietsen dun gezaaid. Bovendien weten veel bewoners niet dat zulke diensten überhaupt bestaan. Een andere route: voorzieningen dichter bij bewoners brengen. Want hoe meer zorg, onderwijs en winkels lokaal beschikbaar blijven, hoe minder mensen afhankelijk zijn van dure verplaatsingen.